Van het begrip xαλαρά (halara) heb ik begin deze week geleerd wat het betekent. Relax, chill, rustig aan: een goede omschrijving voor deze week.
Het begon zeker rustig aan op zondag, dat was blog-brei-koffie in de zon-dag! ’s Avonds ook een rustige dienst, ik ging voor het eerst op outreach, dus eigenlijk ‘visite’ het kamp in. Dat gaat hier niet op de fiets, maar met de auto. We doen het bij uitzondering als patiënten te ziek zijn om naar ons toe te komen, maar in mijn geval omdat ik me zorgen maakte om een patiënt. Dat ging om de 21-jarige jongen die ik de vorige week had gezien en die ook direct door de psycholoog was gezien. Omdat de psycholoog er een paar dagen niet was en we ons allebei zorgen maakten, hadden we afgesproken dat hij twee keer door mij gezien zou worden. De eerste keer was afgelopen vrijdag; toen was hij er wel maar zat de wachtkamer helemaal vol mensen die eerder waren gekomen. Ik zag dus eerst een andere patiënt, maar toen ik hem daarna wilde ophalen zat hij niet meer in de wachtkamer. Nu was het twee dagen later en was hij rond half 9 nog niet komen opdagen, dus besloot ik hem dan zelf maar te gaan zoeken in zijn tent. Ik mocht zelf het kamp in rijden en een tolk ging met me mee om de weg aan te wijzen, en omdat het gewoon prettig is om met z’n tweeën te gaan. Er hebben zich (voor zover ik weet) geen onveilige situaties voorgedaan, maar je weet nooit wat er gebeurt. We troffen initieel een lege tent aan, gelukkig kwam er na een paar minuten iemand aan gelopen en dat bleek ook nog mijn patiënt te zijn. Hij vond het goed om even te praten, dus hij stapte achterin om mee terug te gaan naar onze medische unit. Gekke ervaring, zo voelde ik me naast dokter ook nog bemoeial én taxi-chauffeur.
Maandag stond ik om 10u bij Lemon House, ik had met Jane afgesproken om een rondje te fietsen! Jane heeft haar gravelbike meegenomen, want zij wil hierna een fietsvakantie doen. We hadden een route uitgezocht waarbij we een rondje om het meer zouden fietsen, waarbij het spannendste gedeelte de oversteek over het water was. Op sommige kaarten stond er wel een pontje aangegeven (Komoot, Garmin) maar op Google maps was er niks over te vinden. We hadden het ook aan een local van BRF gevraagd, die zelfs nog voor ons had gebeld naar de vermoedelijke bootsman, maar er werd niet opgenomen. We gingen dus maar op goed geluk heen, anders zouden we onze route aanpassen. Het eerste stukje was flink klimmen, daar merkte ik wel dat Jane ietsje langzamer ging dan ik. Daarna kwam het stuk mountainbike-pad wat ik de keer ervoor ook had gedaan, maar waar Jane nog niet was geweest – en wat zij ook fantastisch vond. Toen we bij het haventje aankwamen, waren er twee mensen aan een boot aan het klussen. We vroegen in het Engels naar de ferry, en zij antwoordden natuurlijk in het Grieks en wezen ergens heen. Wij interpreteerden dat eerst als “vraag het in dat gebouw”, toen “nee dat andere gebouw”, toen “nee, die boot die daar ligt”, maar allen zonder resultaat – want wat ze eigenlijk bedoelden, was “kijk de boot die daar komt aanvaren, dat is hem!” Een allerhartelijkst mannetje met 3 tanden stapte uit de boot samen met 3 Griekse forenzen, en gaf meteen Jane een knuffel. Een van de forenzen vroeg of we deze man kenden, nee?! Maar wij en onze fietsen konden wel mee voor €5 per persoon, het enige wat de kapitein kon zeggen was “no problem, no problem!” We hadden ook nog de mazzel dat we na 10 minuten vertrokken, want blijkbaar gaat hij ongeveer eens per 1,5 uur. Het was een prettig boottochtje van een kwartiertje naar de overkant. Toen ik Jane’s fiets van de boot tilde, snapte ik waarom ze langzamer de berg op kwam. Haar fiets is wel 3 keer zo zwaar als de mijne!
Aan de overkant gekomen fietsten we weg, na 10 meter schrok Jane op; haar helm lag nog op de boot… Nouja, dan moeten we nog een keertje terug naar haar grote vriend de kapitein. Na nog een minuut schrok ik me laveloos van een hond die tevoorschijn schoot en begon te blaffen. Gelukkig is mijn schrikreactie heel hard schreeuwen, dus schrok die hond zich weer wezenloos terug. De rest van het fietstochtje was lekker gemoedelijk, we kwamen nog langs een heel erg schattig kappelletje in het meer.
Tegen 13u kwamen we bij onze bestemming: de thermen. Er zijn op Lesbos veel warmwaterbronnen door verschuivende aardplaten in de regio. Ons plan was oorspronkelijk dat onze collega’s mee zouden gaan naar de thermen, en dat wij dan mee terug konden met de auto. Gek genoeg zagen anderen niets in dat plan, maar desondanks hebben wij het er heerlijk gehad. We deden een koffietje, namen een douche tussen de rozemarijnstruiken, en daarna konden we het infinity-bad in. Het lijkt alsof het bad overloopt in het meer, prachtig! Ik ben ook nog héél kort het meer (of eigenlijk, binnenzee) in geweest, maar dat was pijnlijk koud. Er was een Grieks stel uit Athene waarmee we aan de praat raakten; de man vertelde ons over het begrip xαλαρά (halara) wat dus “relax, chill, take it easy” betekent. Dat motto bevalt me wel voor deze tijd op Lesbos, en misschien ook wel voor langer… het hele leven, misschien?

Na ruim een uur werd het wel tijd om terug te gaan, want we hadden ’s middags nog een training in het kamp staan. Jane fietste bijzonder snel weer omhoog met haar zware fiets, blijkbaar had zij meer energie gekregen van het spa-gebeuren dan ik. Snel even omkleden en wat eten naar binnen werken, want om 16u vertrokken we met het hele team naar het kamp voor een simulatie-training.
Nico had dit helemaal voorbereid, met uitgedachte scenario’s en van tevoren toebedeelde rollen. In het eerste scenario was er een grote brand in het kamp, en kwamen er allemaal patiënten tegelijk binnen, schreeuwend. Samen met een collega-dokter was ik verantwoordelijk voor onze patiënt Jane. Zij werd met rolstoel binnengebracht, met hevige benauwdheid en roetdeeltjes rond de neus en in de mond – tekenen van inhalatietrauma. Gevaarlijk voor verstikking! We moesten haar gauw zuurstof geven, maar dat staat in de hospitainer (de vrachtwagen) dus we moesten Jane daarheen krijgen. Daarvoor legden we haar op een brancard en tilden haar met z’n tweeën naar de laadklep, waar iemand ons omhoog liftte. Dit was allemaal behoorlijk spannend: de brancard zoeken, dan de patiënt daar goed op bevestigen met nogal moeilijke riemen, het lopen zonder dat je ergens over struikelt, het met z’n tweeën dat gewicht dragen, niet zoveel ruimte hebben op die laadklep, dan nog een stap omhoog zetten van de laadklep de hospitainer in, en daar aangekomen was er alleen op de grond plek om haar neer te leggen. Dit was ook wel precies waar de training voor bedoeld was, namelijk erachter komen waar moeilijke punten zitten en wat je waar kunt vinden. Maar toen de zuurstof 20 minuten later eindelijk was aangesloten, was Jane gelukkig gered. In het tweede scenario was ik een moeder met een baby’tje dat benauwd was en piepte, dus dat zuurstof en verneveling moest krijgen. Ook dat scenario was chaotisch, met veel acute patiënten tegelijk, maar mijn baby heeft het ook overleefd! ’s Avonds hoefden Lizzie, Jane en ik niet te werken, dus besloten we spontaan nog uit eten te gaan. We belandden uiteindelijk bij een behoorlijk chic restaurantje, Bistro28, met onder andere hele lekkere vijgensalade, opgeklopte feta-bruscetta en sangria. Wat een feestelijke dag!
Dinsdag besloot ik dat ik zou beginnen met een ochtendwandeling rond het kasteel, en dat ik daarna verdiende om ergens een croissantje te eten. En welke plek was daar meer voor geschikt dan iets wat “Sugar house” heet? De speculoos-croissant die ik koos was monsterlijk lekker, ik kreeg hem zelfs niet helemaal op! Om 11.00u was het tijd voor de wekelijkse training, dit keer was het een ontspanning/mindfullness training door een van de psychologen. Dit was ontzettend fijn, maar ik merkte ook dat ik behoorlijk emotioneel werd. Denkend aan thuis, aan familie, aan alles waar ik zo dankbaar voor ben… en dat alle veiligheid die ik heb helemaal niet vanzelfsprekend is. De rest van de dag was ik een beetje van slag en heel moe. Ik besloot lekker rustig aan te doen, dus: serie kijken, breien, lekker lang met Mich bellen. Daarna sliep ik 11 uur lang! De voorgaande nachten had ik ook steeds kort geslapen omdat we meestal 12u pas thuis zijn, maar ik ’s ochtends toch al vroeg wakker lig en plannen aan het maken ben voor wat ik allemaal wil doen die dag. Bovendien vallen er hier en daar slachtoffers aan de griep (inclusief koorts) binnen het team; misschien was mijn immuunsysteem ook gewoon druk bezig.
Woensdag voelde ik me dan ook een stuk beter. We hadden de wekelijkse medische en algemene vergaderingen, met tussendoor een uur wachttijd omdat de medisch coördinator tussendoor een andere afspraak had en de andere coördinator ook een half uur te laat was. Misschien is dat heel Nederlands, maar om met 10 mensen allemaal een uur te wachten… dan denk ik dus: in totaal 10 uur aan tijdverspilling! Het voordeel is wel dat we in die tijd een bakkertje vonden met volkoren brood, dus heeft toch nog wat nuttigs opgeleverd. Na de meetings zette ik me er eindelijk toe om aan mijn fiets te gaan sleutelen. Ik kon niet naar het grote blad schakelen en dat was misschien in NL ook al zo, maar toen gebruikte ik die fiets nauwelijks. Met behulp van Google en wat extra gereedschap lukte het me in ongeveer 1,5 u om het te fixen! Dat voelt wel heel erg leuk en zelfvoorzienend. ’s Avonds werkte ik samen met Lizzie, het was weer een rustige dienst. We keken samen met de tolken naar de zonsondergang, die erg mooi was. Zij doen bijna allemaal mee aan de Ramadan, dus voor hen is dit moment veel belangrijker dan gewoon een mooi uitzicht: zij mogen vanaf dat moment weer eten.

Om half 10 begonnen we heel voorzichtig op te ruimen, maar natuurlijk kwamen er om 21.55 nog 3 patiënten. Lizzie en ik besloten om die samen te zien: een dokter en een notulist, lekker efficiënt. Eén van hen was een 18-jarige jongen met hoofdpijn. Dat had hij af en toe, achter op zijn hoofd, en hij vroeg om paracetamol. Makkelijk consult dachten wij, tot hij iets tussen zijn haar liet zien. Toen ik daar voelde, zat er een deuk en een rand in zijn schedel. Bij navragen bleek dat hij daar 3 jaar terug, dus op zijn 15de, op zijn hoofd was geslagen, en daarvoor nooit medische hulp had gekregen. Hier kreeg ik koude rillingen van. Gelukkig had hij verder geen klachten, alleen af en toe hoofdpijn. We hebben hem paracetamol gegeven en verwezen naar de Griekse dokters op het kamp, in de hoop dat hij beoordeling in het ziekenhuis kan krijgen…
Donderdagochtend had ik weer een online afspraak met de VvAA, zodat ik straks als ik klaar ben (over minder dan een maand! Ahhh!) vlot van start kan. Daarna ging ik op hike & shop-uitje met Lizzie naar de Intersport, want zij was op zoek naar een badpak. Het was een leuke wandeling van 45 minuten en bij de Intersport vond ik nog een heel fijn multifunctioneel hemdje. Lizzie liep verder want zij had geen avonddienst, ik liep zelf terug maar nam ergens een verkeerde afslag. Uiteindelijk liep ik door een olijvenboomgaard waar ik onder een hek door moest om in de de goede richting uit te komen, het leven is één en al avontuur hier ;).
Eind van de middag stond eigenlijk in de planning om onderwijs te geven aan een andere hulporganisatie in het kamp, maar dat ging niet door. Bij de avonddienst waren er geen bijzonderheden tot we al hadden opgeruimd en om 22.10u iemand hulp kwam vragen voor zijn tent-genoot. Die was al 3 dagen ziek, maar nu ging het écht niet meer. Lekkere timing! Ik ging weer samen met een tolk op pad. Nu kwam ik voor het eerst echt in een tent, dat is wel een krappe bedoening zeg. Ze hebben alleen een bed, geen kast, geen haakjes, niks. De jongen in kwestie lag op bed, had koorts en zei dat hij steeds moest overgeven na het drinken. Zijn controles waren goed (behalve koorts), dus ik heb hem middelen tegen de misselijkheid gegeven, paracetamol en ORS. Best een leuke outreach zo!
Vrijdag wilde ik lekker rustig aan doen, een wandelingetje maken, en wat voorbereidingen treffen voor zaterdag. Dan zouden we namelijk op teamuitje gaan naar Molivos, en ik wilde daarheen fietsen. Dus had ik nodig: snacks en drinken. En waarom dat kopen als je het zelf kunt maken? Ik vond een recept waar ik alles voor in huis had behalve pindakaas. Wél had ik een zak pinda’s waar ik veel te vaak uit snoepte, ik was gedurende De Grote Schoonmaakactie een hakmolentje tegengekomen, en ik heb ook al heel lang de wens om zelf pindakaas te maken. Natuurlijk werkte het blendertje niet meer zodra ik er meer dan 2 pinda’s in deed, maar zo snel geef ik niet op. In Lemon House had ik namelijk ook hakmolen-onderdelen zien liggen. Daar gekomen bleken die echter heel vies en niet compleet. Maar na uitvoerig schoonmaken en samenvoegen van de ene, ronde hakmolen en de andere vierkante, had ik een werkend apparaatje! Het zal je niet verbazen dat ik ondertussen 3 uur verder was met als enige eindproduct (erg lekkere) pindakaas. Lizzie was ondertussen ook wakker geworden en we besloten naar het centrum te gaan, waar ik mijn wandelingetje naar het oude amfitheater kon maken (en onderweg een heerlijk appelflapje voor €0,55 scoorde) en daarna Lizzie weer opzocht.
We liepen langs een soort tweedehands winkeltje waar zij even wilde kijken en ik kameraadschappelijk mee ging, en daarbij tegen een heel leuk, wit luchtig blouseje aanliep dat ik niet kon laten hangen. Daarna vonden we een plekje in de zon op het terras voor een kopje koffie, breien en goede gesprekken. Eenmaal terug had ik nog maar een uurtje waarin ik nog moest lunchen, de repen nog “moest” maken, limonadesiroop halen, en mijn tassen inpakken voor de fietstocht de volgende dag. Bovendien was ik ook nog mijn touwtjespring-challenge helemaal vergeten! Niks geen rust meer dus, maar mijn springtouw nam ik mee naar de avonddienst en daar was er nog tijd genoeg om te springen voordat de eerste patiënt kwam. Gelukkig was het verder een rustige dienst en lag ik uiteindelijk om 12u in bed.
De volgende ochtend ging de wekker om 5.50u en iets voor 6.30u vertrok ik van huis. Het was een tocht van 60 kilometer, dus goed te overzien, maar het venijn zat hem in de 900 hoogtemeters. Het was al redelijk licht, maar nog behoorlijk koud toen ik vertrok. Wat was ik blij met mijn arm- en beenstukken! Het eerste stuk naar Kalloni waren er 2 klimmetjes, en daarna lekker hard afdalen. De route liep over de grote weg, maar het viel mee met het verkeer en ik droeg een knalroze vest dus ik was niet over het hoofd te zien. Er was een klein stukje wat over een kleiner zij-weggetje liep, maar daar kwam meteen gedonder van: honden. Blaffende, agressieve honden. Ik snap echt niet waar het gezegde ‘blaffende honden bijten niet’ vandaan komt, want ik weet zeker dat als ik niet heel hard had terug geschreeuwd, ik er niet zonder kleerscheuren vanaf zou zijn gekomen! Met een hartslag van 200 van de adrenaline kwam ik weer op de grote weg; ondanks dat die heel stijl was (9%) was de opluchting immens. Na deze tweede flinke klim dacht ik dat ik wel bijna in Kalloni dus halverwege de rit was, maar toen ik op m’n Garmin keek stond er dat het nog 15km was naar Kalloni. Dat viel tegen, en het was ook nogal een saai stuk met tegenwind. Eenmaal in Kalloni gekomen om half 9 kwam ik er echter achter dat ik al op 40km zat en dus ruim over de helft was! Ik deed een espresso’tje in een bar, die stampvol zat met mannen (waar zijn toch altijd die vrouwen?) en kreeg daar een flesje water bij – ideaal. Vanuit Kalloni begon meteen de volgende flinke klim van 200m met haarspeldbochten, maar deze viel me heel erg mee. Vanaf de top aan de andere kant naar beneden fietsend was een prachtig uitzicht, het landschap lijkt daar toch weer anders! Het was vooral nog afdalen naar beneden en om 9.45u was ik al in Molyvos, ik had er (exclusief pauze) maar 3 uur over gedaan in plaats van de verwachte 3,5-4 uur! Kwam wel mooi uit, want ik wilde me wel nog even opfrissen voordat de rest om 10.30u zou arriveren. Ik vond een verlaten kiezelstrand, waar ik een hele snelle, verfrissende duik heb genomen. Op de parkeerplaats ontmoette ik de rest en kon ik mijn fiets in de auto zetten. Toen ik tegen ze begon te praten merkte ik dat ik schor was, ik denk van het schreeuwen naar de honden…
- Vertrek
- Molivos
- “Lekker” frisse duik
- Made it!
Daarna zetten we met z’n allen voet naar het kasteel van Molivos, wat nog een behoorlijk aantal trappen was, dus ik voelde mijn benen wel. Het is een heel pittoresk stadje met allemaal smalle straatjes en rode daken. Het kasteel was vooral mooi vanwege het veld met de paarse bloemetjes en het uitzicht over het stadje, maar verder stelde het niet veel voor. We lunchten aan het water, ik had een heerlijke salade. Een groot deel van de groep ging toen naar de lokale thermen, maar ik vreesde dat ik dan helemaal zou instorten. Gelukkig zagen Peter en Ine ook meer in een bak koffie dan in een bad, en daarna heb ik nog wat rondgeslenterd. Tegen drieën reden we met ons drieën terug naar Mytilini, heel leuk om de route die ik die ochtend had gefietst zo weer te zien. Best veel hoogtemeters! ’s Avonds had andere Louise (Frans, psycholoog) mij, Lizzie en de andere nieuwe psychologe (Belgisch) uitgenodigd om mee uit eten te gaan bij haar favoriete restaurant. Het was allemaal heerlijk en gezellig, we hadden het onder andere over cultuurverschillen tussen Frankrijk, Nederland en België. Daarna deden we nog een drankje, waar de serveerster mij overhaalde om een typisch Grieks drankje te proberen. Ik kreeg mijn eigen kleine kannetje waarmee ik het in het shotglaasje moest schenken, en het deed me denken aan lekker zoete glühwein.
Zondagochtend (vanmorgen) maakte ik wentelteefjes voor brunch en zat ik aan deze blog. Halverwege de dag verplaatsten we naar een café’tje waar we één cappuccino dronken en ze je uren ongestoord laten zitten, heel prettig. Zo kon ik lekker bijkomen van mijn drukke (fiets)dag gisteren. Deze week was nou niet per se rustig, maar om het weekend wel helemaal xαλαρά af te sluiten, ben ik van plan om vanavond een pitabroodje met halloumi te halen, te breien en familie te bellen. Hoe meer xαλαρά, hoe beter!
- Wentelteefjes
- Zo voel ik me!













































Wat ontmoet je veel nieuwe mensen! Wel gezellig zo en fijn om ervaringen te kunnen delen. En dan die honden waar je je laveloos van schrikt, wat had je in de limonade gedaan? Alcohol?????
Haha oja, dat moet wezenloos zijn! Het was gewoon keurig perziksap met zout en aangelengd met water
Nou echt goed dat je die fiets hebt meegenomen! Wat gaat het toch snel en wat maak je veel mee! Veel plezier volgend lang weekend (toch?) met Mich!
Wat mooi om je verslag te lezen en wat beleef je veel in deze weken geniet er maar lekker van. En fijn dat Mich ook nog wat kan meegenieten.